Zoeken
  • Eva Barends

De stilte van de hel

Bijgewerkt: 14 feb 2019

‘Ga je anders gezellig mee naar Zumba?’ vroeg vriendin M. “Nee!” riep alles in mij, maar gek genoeg stemde ik in om samen naar een les te gaan.


De les vond plaats in een enorme grote sportschool om 20:00 uur. Precies het juiste tijdstip dat een groot aantal sportliefhebbers hun weg naar de deze ‘gym’ gevonden hadden. Samen met M. stond ik bij de deur van het zaaltje waar de les zou gaan plaatsvinden. Het was warm, het rook zuur naar oude, muffe vloerbedekking en de muziek stond oorverdovend hard, zodat ik niet echt kon ontdekken waar we precies naar luisterden. Maar, luisteren was natuurlijk ook niet de bedoeling. We waren hier bijeen om te sporten, om te zweten, om sterk en strak te worden. En voor plezier, dat vast ook.


Het zumba-zaaltje was mogelijk nog warmer en de ramen leken op een tropische plantenkas in een willekeurige Hortus Botanicus. Het water droop er in straaltjes vanaf. Alle deelnemers liepen rechtstreeks naar een vaste plek in de zaal, dit was duidelijk niet de eerste keer dat ze er waren. Ik koos een plekje helemaal achteraan, in een hoek, naast het druipende raam. Sommige dames begonnen te rekken en strekken, er werd uitgelaten naar elkaar gelachen en wat gehupst op de plaats. De zaal stond vol met vrouwen, op twee mannen na. Een man stond vooraan en had een zweetband om zijn piekige grijze haar gevouwen. De andere man stond naast mij en rook naar oud zweet en frituurvet. Elke keer als ik mijn hoofd zijn kant opdraaide, wat ik om meerdere redenen probeerde te vermijden maar wat toch steeds mislukte, lachte hij breed naar me en stak zijn duim op.

De docente kwam energiek binnengelopen en gaf een enthousiaste draai aan de volumeknop van de toch al oorverdovende muziek.

Vanaf dat moment hoorde ik niets en alles tegelijk. Er was zoveel geluid, wat zo vervormd was dat het ook net zo goed het permanente geluid van de hel kon zijn. De stilte van de hel, dat moest dit zijn. Maar aan de mensen om mij heen te zien was het goed, iedereen kwam enthousiast in beweging en zo te zien wisten hun lijven precies welke beweging paste bij de vreemde klanken van de muziek. Mijn lijf snapte het nog niet. Dat was wel duidelijk. Er bleek hier een ritmegevoel en lenigheid voor nodig te zijn wat bij mij ontbrak.


Ergens vooraan de hupsende menigte sprong de juf op en neer, haar armen hoog in de lucht met wijzend vingers die blijkbaar aangaven wanneer wij naar links of rechts moesten gaan. Jammer dat ik die link pas halverwege de les legde en daardoor de hele tijd ook mijn armen omhoog zwiepte, terwijl ik ondertussen tegen mensen opliep.


Na elk nummer lurkte iedereen, tevreden zuchtend, aan een flesje water; afzien was toch ook best leuk, zo met elkaar werd er geknipoogd. De man naast me kon het niet laten om in elke minipauze een gevatte opmerking door de ruimte te slingeren; ‘soo, het kan zeker niet sneller?’ of ‘nou dat viel toch even reuze mee toch?’. Daarna begon het volgende nummer en sprongen we weer als marionetten door de ruimte, de condens droop inmiddels van het plafond op de vloer en zorgde voor piepende sneakers.


Na een uur in totale verwarring te hebben rondgesprongen begon ik me af te vragen of het eigenlijk wel een goed plan was geweest om me hieraan bloot te stellen. Uiteindelijk had ik voor hetzelfde geld ook gewoon op de bank kunnen zitten met een kop thee en een kat. Mijn nieuwsgierigheid had me op deze merkwaardige plek gebracht, maar nu wist ik niet zo goed wat ik er verder mee moest. Om mij heen was geluid, vocht en beweging. En er was geur, de geur van mijn springende buurman. Maar, en dat was toch een waardevolle ontdekking, er was ook geluk en blijdschap. Iedereen om mij heen leek zich geweldig te amuseren en danste alsof het de laatste dans op aarde was, en dat alles met een brede glimlach. Ik voelde mijn oren piepen, mijn gewrichten knarsen en ondertussen lachte ik ook! Van verdriet dat ik hier vrijwillig in stond, van totale verwarring om de vreemde vertoning om mij heen en om mezelf: Want wat was ik hier slecht in! Ik kon geen pasje bijhouden en had ik eenmaal een pas te pakken, dan bewoog de meute alweer precies de andere kant op. Misschien waren al die manische glimlachen om me heen precies dezelfde als die van mij; in een totale trance van de ellende waarin we verzeild waren geraakt met elkaar, dansend als vreemde aapjes in een tropische kas.


De volgende week ging ik weer




0 keer bekeken

©copyright E.Barends 2020

  • Instagram